I do writing

&

Het is maar geld – Gonnelieke

GONNELIEKE

 

Uiterlijk zorgeloos proostten de vrouwen naast me met hun wijnglazen. Ze lachten, leunden achterover en genoten van hun rosé uit van die grote, hippe glazen. Jolien hief haar hoofd op met de ogen dicht, genietend van de avondzon. Ook ik nam een slok van de koude zoet-zurige wijn en pakte het glas over in mijn andere hand. Ik veegde mijn natte vingertoppen af aan mijn strakke spijkerbroek en keek opzij. Er waren veel dingen die ik over hen wist, geheimen waarvan ze dachten dat die bij mij veilig zouden zijn. Natuurlijk was dat ook zo, zolang het mij uitkwam tenminste.

Marina had alles wat ik altijd had gewild: een mooie familie, vlotte man en mooi huis. Toch leek ze er op gebrand om alles op het spel te zetten, geen idee waarom. Jolien daarentegen deed er alles aan om haar gezin bij elkaar te houden. Een echte vechter, die geen grenzen kende als het ging om overleven. Ik vond het fijn om ze als vriendinnen te hebben maar hoewel ze mij veel toevertrouwden, kenden ze me eigenlijk helemaal niet goed. Voor hun was ik waarschijnlijk gewoon een oude wijze vrouw met grijs haar, iemand die altijd een luisterend oor bood en advies kon geven. Dat ze me als moederfiguur zagen, vond ik niet erg. En mijn geheimen waren veel te gevaarlijk om met iemand te delen.  

Als klein meisje droomde ik er al van om mijn eigen gezin te hebben. Later als tiener fantaseerde ik over hoe het zou voelen om een baby in mijn armen te houden. En toen ik met Hans trouwde konden we niet wachten totdat ik zwanger werd. Mijn zwangerschap was een droom waar ik niet uit wakker wilde worden en eindeloos schetste ik in mijn hoofd wat voor combinatie ons kindje qua uiterlijk van ons zou worden. Ik hoopte op de donkere ogen van Hans met mijn blonde krullen. Mijn zwangere lichaam met ronde zware borsten en langzaam groeiende buik vond ik prachtig. Maar het allermooiste vond ik het gevoel dat ik nooit meer alleen was omdat ik altijd dat kleine mensje in mijn buik bij me had. Ik wist gewoon zeker dat ik hiervoor geboren was, het doorgeven van leven en zorgen voor zo’n klein hummeltje. 

Na de geboorte van Robin wist ik zeker dat ik voor altijd gelukkig zou zijn. Zijn kleine handjes in mijn hand en de kleine spekbeentjes die in de lucht rond trappelden waren perfect. Natuurlijk viel niet alles mee, want Hans was geen makkelijk mens maar toch voelde ik me over het algemeen gelukkig. Ondanks dat Hans de liefde van mijn leven was kon ik hem soms intens haten om hoe hij ons leven verpestte. Het feit dat Robin en ik niet genoeg waren voor hem maakte me woedend. 

Regelmatig was Hans depressief en soms weigerde hij zelfs zijn medicatie in te nemen. Zonder zijn pillen kon hij in een paar dagen zomaar omslaan. Hij veranderde dan van een lieve, zorgzame man naar een losgeslagen gek die door de straat rende en het uitschreeuwde, soms zelfs ´s nachts. De keren dat ik er in het holst van de nacht op uit moest om Hans te zoeken waren niet meer op één hand te tellen. Met een slapende Robin in het autozitje reed ik dan rondjes in de buurt tot ik hem te pakken had. Soms vond ik hem zittend onder een boom, of graaiend in een vuilnisbak en rennend door een winkelstraat. Het was alsof er een monster in Hans schuilde dat van tot tijd zijn brein overnam en alles kapot maakte. Hans kwam altijd wel weer terug, ik wist het gelijk als het zo ver was. Dan veranderden zijn donkere ogen weer naar de zachte bruine kleur die ik zo goed kende en glimlachte hij hulpeloos naar me. ‘Het spijt me,’ zei hij dan en ik glimlachte altijd dapper en schudde mijn hoofd. ‘Het geeft niets.’ Ik was ervan overtuigd dat ik en Robin genoeg waren om hem gelukkig te maken, dat wij een fijn thuis voor hem vormden, genoeg waren om voor te leven. Ook al verdween er na elke terugval iets van de vrolijkheid die hij nog bezat. Dan verdween een klein stukje van hem. Uiteindelijk was er niets meer over. 

Hans overleed toen Robin vier was en daarna was alles anders. Nooit had ik verwacht dat ik mijn kind alleen zou opvoeden en zowel het praktische als emotionele gedeelte vond ik zwaar. Ook al was Hans niet altijd emotioneel stabiel geweest, hij had een goede baan als accountant die het mij mogelijk had gemaakt om thuis te blijven bij Robin. Na mijn opleiding als administratief medewerker was ik getrouwd en snel daarna was ik zwanger. Nu moest ik als alleenstaande ouder ineens een fulltime baan zoeken en die combineren met de zorg voor Robin. 

Gelukkig vond ik snel een fijne werkplek op de administratie bij Blom & Co, een groothandel in bloemen. Dankzij hun had ik een stabiel inkomen, een fijne werkplek en de kans om een goede band op te bouwen met Robin. Maar het was niet het plaatje waar ik als kind altijd van had gedroomd. Nooit zou ik de gelukkige familie krijgen die Marina had en die ze zo hard probeerde te verpesten. Ik zou ook nooit in staat kunnen zijn om mijn man te bij te staan zoals Jolien dat deed, standvastig en zeker van haar zaak. Dat Hans er niet meer was bracht op een bepaalde manier rust en stabiliteit in ons huishouden, maar toch miste ik hem dagelijks. Ik miste het gezin dat we vormden en waarvan ik altijd had gedroomd. Ook moest ik afscheid nemen van het idee om een groot gezin te vormen, de kinderen die ik nooit zou krijgen. 

‘Gon, ik moet zo op voor mijn toespraak,’ zei Jolien nerveus naast me. 

Haar woorden rukten me uit mijn gedachten en ik glimlachte beleefd naar haar. Waar een mens zich al niet druk om kon maken. Jarenlang had ik die toespraken gegeven als het hoofd van de organisatie van het feest in de Kompasstraat. Ik deed dat vol zelfvertrouwen en zonder zenuwen. Eigenlijk had ik de directrice moeten worden van een groot bedrijf.

‘Neem nog een slokje wijn, het komt goed. Je kent het uit je hoofd en je zegt precies wat je wilt zeggen. Laat het los en ga er gewoon voor,’ stelde ik haar gerust. Ze keek me nog even angstig aan en stond toen op. Terwijl Jolien even later aan haar toespraak begon liet ik mijn gedachten weer afdwalen. Alsof zo’n toespraak voor de buurt me ook maar iets interesseerde. 

Ondanks het gemis gaf ik alles wat ik kon voor Robin. Hij bleek niet de zoon die ik dacht dat hij zou zijn. Zijn karakter was anders dan wat ik me had voorgesteld. Op school wilde hij niet leren en hij haatte sport. Iets creatiefs doen was ook niks voor hem. Het liefste wilde hij alleen zijn op zijn kamer, blowen en videogames spelen. Natuurlijk probeerde ik er met hem over te praten maar hij liet nooit veel los. Ik stelde voor om naar andere scholen te gaan kijken of een werkervaringsplaats voor hem te zoeken maar bereikte er weinig mee. Misschien was het ook wel mijn eigen schuld. De dood van Hans, of de zelfgekozen dood zoals men dat noemt, kwam zo onverwacht. Ik voelde me door Hans in de steek gelaten en het kostte me jaren om die boosheid los te laten. Achteraf gezien had ik beter op Robin moeten letten en meer tijd moeten steken in zijn opvoeding. Of misschien was dat de leugen die ik mezelf al jaren vertelde. Soms kon een mens zelf vergeten dat ze iets geheim houdt. Voor de buitenwereld had ik het altijd een zelfgekozen dood genoemd tot ik het op een bepaald moment zelf was gaan geloven. 

Nu zat Robin een paar tafels verderop in zijn typische houding, onderuitgezakt met de buik naar voren. Hij bracht een blikje bier naar zijn mond en leek ergens om te lachen met Richard. Jolien was klaar met haar speech en kwam weer bij ons zitten. Ik had er geen woord van meegekregen maar feliciteerde haar toch. Ze glunderde ervan en hief haar glas. Naast me roddelden Marina en Jolien over de andere buren. Ik kon zien dat Robin al goed op weg was om dronken te worden. Hij had zeker al een paar liter bier op. Het liefst zou ik naar hem willen toelopen om hem te vragen niet zoveel te drinken, maar dat had toch weinig zin. Eigenlijk was het hilarisch dat juist Robin een van de prijswinnaars was. Het loterijlot had ik voor hem gekocht als een grap. Stiekem had ik gehoopt dat hij het als zoveelste hint wel zou begrijpen. Maar zoals altijd snapte hij er weinig van, hoewel ik me steeds vaker afvroeg of hij het niet expres deed. 

Robin was altijd speciaal geweest. Ook al was hij sociaal niet vaardig, hij bedoelde het niet slecht. Niet veel mensen konden met hem overweg en nog minder mensen vonden hem aardig. Dat was niet zijn schuld maar soms vroeg ik me af of hij er misbruik van maakte. Misschien was het juist het resultaat van mijn betuttelingen, zou dat hem lui gemaakt hebben? Zijn hele leven had ik zó veel voor hem gedaan, misschien had ik hem de kans ontnomen om zelf dingen aan te pakken. Het was nu echt tijd voor hem om het huis uit te gaan. De afgelopen jaren had ik er zo vaak op gehint, maar voor hem was het allemaal wel prima zo. Er werd voor hem gekookt, zijn kleren werden gewassen en bovendien had hij niet eens een baan om zichzelf te onderhouden. Als hij al ergens wilde gaan werken dan zou hij onderaan moeten beginnen en daar had hij gewoon geen zin in. Liever zat hij dicht te groeien op zijn kamer. Ik had van alles geprobeerd om hem in beweging te krijgen, zijn school af te maken of een baan te zoeken. Er was zelfs een baan voor hem geregeld in het distributiecentrum van Blom & Co, maar na zijn proefperiode was het contract niet verlengd door herhaaldelijk te laat komen en het niet halen van de targets. 

Met de aanschaf van het lot had ik gehoopt dat hij zelf met een plan zou komen om uit huis te gaan, maar natuurlijk bleef het stil van zijn kant. En toen gebeurde het ondenkbare, ´de Grote Straatprijs´ viel wél op onze straat. Ik was het bestaan van dat lot allang vergeten. Robin was de uitslag gaan kijken bij Jolien thuis en ik moest er een beetje om lachen. Oprechte en onschuldige hoop was één van Robin´s mooiste karaktertrekken. Na een uur hoorde ik geschreeuw en gelach op straat. Ik liep naar buiten en daar stonden mensen met camera´s die Richard en Robin interviewden. Ravi en Adria stonden breed glimlachend van een afstandje toe te kijken. ´Mam!´ riep Robin opgetogen naar me. ´Ik heb gewonnen!´ Ik wist niet goed of ik moest lachen of moest huilen en zwaaide beduusd terug. We hadden heel veel geld gewonnen. 

Als ik al verwachtingen had over hoe hij met het idee van één miljoen euro zou omgaan, dan was het zacht uitgedrukt als het niet ging zoals ik had gedacht. Op zijn minst had ik verwacht dat hij iets met me zou delen. Per slot van rekening ging het om mijn zoon en hij zou logischerwijs alles met me delen zoals ik ook altijd met hem had gedaan. Maar het tegendeel was waar. In de wereld van Robin zijn de dingen wit of zwart, een middenweg is lastig voor hem. En dit was zíjn lot, dus zijn prijs. En ik wilde er eigenlijk ook niet over beginnen. Het zou toch vanuit hem zelf moeten komen. Maar Robin zei helemaal niets en maakte geen enkele aanstalten om me te betrekken bij zijn plannen. Het enige wat ik vroeg was of hij nu op zichzelf zou gaan wonen. ´Waarom zou ik?´ had hij gezegd en ik was te verbaasd over zijn antwoord om daar iets op terug te zeggen. 

We hadden nooit veel geld toen ik Robin klein was. En ook nu Robin weigerde te werken moest ik nog steeds al mijn geld aan ons tweeën besteden. Eigenlijk droomde ik van een lange vakantie. Europa was ik nog nooit uit geweest en soms fantaseerde ik over wijnproeven in Argentinië of walvissen spotten in Californië. Zelfs een weekje in de zon in Benidorm zou fijn zijn. Ooit hoopte ik mijn huis te renoveren of een dagje naar een spa te gaan en een lange massage te nemen. Het was tijd voor een nieuwe vriend, maar om iemand te leren kennen zou ik eerst een beter kapsel nodig hebben en misschien een paar stijlvolle outfits. Niets daarvan was mogelijk zonder het geld van Robin. Wat nou als hij gewoon thuis zou blijven wonen en al zijn geld zou uitgeven aan wiet en bier?  

De laatste tijd voelde ik me schuldig. Ik kon moeilijk in slaap komen, de gedachten bleven door mijn hoofd malen. Op die momenten voelde ik mijn hart tegen mijn borst kloppen en het stromen van mijn bloed. Een bitterheid over de tegenslagen in mijn leven nam dan mijn gedachten over, een bitterheid die tegen alle verwachting in de liefde voor mijn zoon hadden bekoelde. Liggend in het donker zag ik de lichtreflectie van de lantaarnpaal over het plafond dansen en ik haatte Robin met een intensiteit die ik nog nooit voor iemand had gevoeld. Gedroeg hij zich zo omdat hij gewoon dom was? Zodat hij mij het leven zuur kon maken? Die gedachte liet me niet meer los. Als een mantra bleef het zich in mijn hoofd herhalen. De andere gedachte die er vervolgens achteraan kwam was niet eens zo gek. Wat nou als Robin er niet meer zou zijn? Wie zou dan zijn geld erven? Die gedachte bleef aan de rand van mijn bewustzijn hangen.

Inmiddels wist ik dat het beëindigen van iemands leven niet eens zo moeilijk was als je zou denken. Ik had het Hans gegund, hij had het nooit met zoveel woorden gezegd maar ik wist dat dit was wat hij wilde. Het gebeurde niet in een opwelling en ook niet uit wraak, maandenlang had ik erover nagedacht. Er was geen andere uitweg, Hans werd na elke depressie steeds een beetje minder zichzelf en daardoor moest ik met een vreemde in mijn huis leven. Het was niet eerlijk tegenover hem of mij om ons te dwingen zo door te leven. Uiteindelijk had ik het uit liefde gedaan. Ik had hem niet dood willen hebben maar Hans zichzelf wel. Dat wist ik zeker. 

We dronken onze wijnglazen leeg en schonken bij. Ik at wat van  de hapjes die op tafel stonden. Marina had haar pittige gehaktballetjes gemaakt, die waren altijd heerlijk. Het geroezemoes in de straat werd luider, Marina en Jolien lachten hard naast me. Jolien was in de veronderstelling dat haar achterbuurman Pieter haar had proberen te versieren. Pieter was na zijn scheiding een aantal jaar geleden in de Kompasstraat blijven wonen. Hij was een echte selfmade businessman, met een goedlopende zaak in keukenaccessoires en een schoonmaakbedrijf. Zijn dikke gouden ketting en glimmende Audi op de oprit gaven prijs dat hij zich waarschijnlijk een huis in een veel betere buurt kon veroorloven, maar toch gaf hij de voorkeur aan de kneuterige Kompasstraat. Regelmatig zorgde hij ervoor dat hij ´toevallig´ Jolien tegen het lijf liep als die net de rozen aan het knippen was in de voortuin of de hond ging uitlaten. Met zijn vierkante silhouet en typische hawaii shirts maakt hij geen schijn van kans bij Jolien, die toch al niet geïnteresseerd was. ´Wat denkt die man wel niet!´ riep Jolien lachend uit. ´Alsof ik voor zo’n excuus zou vallen, een vrouwelijke mening over zijn interieur, laat me niet lachen.´

Voor Hans had ik niet meer dan een kussen nodig gehad. Hij wist op één of andere manier dat het eraan zat te komen en had zich niet verzet. Met Robin zou het een ander verhaal zijn. Eerst was ik er van overtuigd dat het een zieke grap was waar ik mee bezig was, een plan dat ik nooit zou uitvoeren. Maar toen ik me realiseerde hoe makkelijk het was om het perfecte gereedschap gewoon op het internet te kopen was er eigenlijk geen weg meer terug. Het werd bezorgd in een klein kartonnen doosje en het goedje zelf zat in een klein plastic flesje met de grootte van een flesje uit een minibar. Dat zoiets kleins zulke grote gevolgen kon hebben verbaasde me. Ik dacht aan het flesje in mijn broekzak en een mengeling van schaamte en opwinding stegen naar mijn kaken en kleurden mijn wangen rood. Ik hoefde het alleen maar in zijn drankje te doen wanneer hij niet keek, meer niet. Het middel zou zijn werk doen. Ik kon alleen maar hopen dat het snel zou gaan. Of toch niet? Ik bleef maar twijfelen. 

Ik schonk mijn glas wijn weer vol en probeerde me te concentreren op de gesprekken om me heen. Het was mijn derde wijntje en de alcohol steeg snel naar mijn hoofd. Normaal gesproken dronk ik eigenlijk nooit, maar de wijn hielp tegen de zenuwen en de adrenaline die door mijn lichaam gierde. 

Na het vierde wijntje besloot ik nog één keer met Robin te praten voordat ik de beslissing zou nemen. Ik drukte me omhoog met behulp van het tafelblad van de picknicktafel en liep naar Robin. ´Schat, kunnen we even praten?´ 

Verbaasd keek Robin op. ´Wat is er ma? Waarom kijk je zo serieus?´ 

´Ik wilde het nog even hebben over de geldprijs die je hebt gewonnen….´

´Ja prachtig he, ik ben er heel blij mee..´ 

Ik gebaarde Richard dat hij moest opschuiven en liet me met een hand op zijn been naast Robin zakken. ´Laat me even uitpraten Robin. Ik wil je wat vragen. Ik heb dat lot voor je gekocht, vind je niet dat ik ook een deel van dat geld verdien?´ 

Robin grijnsde, de alcohol glinsterde in zijn ogen. ´Waarom? Je hebt dat lot toch kado aan me gegeven?´ 

´Misschien omdat ik je moeder ben en je hele leven voor je gezorgd heb,´ zei ik en ik voelde mijn wangen rood worden. ´Als je oude moeder zou ik dit toch niet hoeven uit moeten leggen?´ 

´Ma, maak je nou niet zo druk. We hebben het toch fijn samen? Daar gaat geld echt niets aan veranderen hoor. Je hebt toch een goede baan en wat heb je nou nodig op jouw leeftijd?´ 

´Okay Rob als jij het zegt.´ Hij probeerde me te omhelzen maar ik draaide om en probeerde op te staan. ´Wil je nog een biertje?´ 

´Lekker ma, lief van je.´

Nu wist ik het zeker, er was geen weg meer terug. Dit was de enige kans op een uitweg, een kans op een nieuw leven. Die gelegenheid moest ik aangrijpen en me het leven niet meer laten dicteren door anderen. Over het tuinpad liep ik naar mijn huis. Met mijn voet schoof ik een paar kiezelsteentjes van het pad af, op hun plek in de tuin. 

Het was stil binnen. Ik had mijn koelkast beschikbaar gesteld voor om drank voor het feest te koelen en de afgelopen uren was het een komen en gaan geweest. Nu zat iedereen aan de tafels en begon met eten of was druk in gesprek. Een paar mensen waren al begonnen met dansen voor het podium waar de band inmiddels speelde. Er waren weinig nummers die ik herkende, maar de dansende groepjes mensen zongen luidkeels mee. Het biertje dat ik uit de koelkast pakte was ijskoud en vormde een prachtige schuimkraag in het glas. Nog één keer staarde ik naar het flesje in mijn handen. Ik had het in één van die kleine whisky drankflesjes gegoten, gewoon voor de zekerheid als iemand het zou vinden en het verdacht zou vinden. Maar toen verdween de vloeistof van het flesje in het gele bier alsof er niets gebeurd was. Achteloos gooide ik het flesje in de prullenbak, zo makkelijk was het dus om over het lot van iemand anders te beslissen. 

´Wat doe je?´ Achter me was iemand binnen gekomen. 

Geschrokken draaide ik me om en glimlachte opgelucht. Het was Wende maar. Ze was prachtig zoals altijd, met blonde krullen en grote blauwe ogen. Ze was zo dromerig dat ze met geen mogelijkheid door had gehad waar ik mee bezig was. ´Hoi lieverd, ik was even een biertje voor Robin aan het halen.´ 

Ze hield haar hoofd een beetje schuin en keek me bezorgd aan. ´Gaat het wel Gon? Je ziet een beetje bleek,´ vroeg ze onderzoekend.

´Het gaat prima, gewoon een beetje moe van al die opwinding en spanning om me heen. Jij en Adria willen zeker een biertje? Pak het maar uit de koelkast.´ Mijn stem sloeg over van de zenuwen en ik glimlachte geforceerd. 

Toen Wende haar biertjes had gevonden, liep ik achter haar aan naar buiten. Ik moest proberen rustig te blijven en mijn gedachten onder controle te krijgen. Het was zo goed als onmogelijk dat Wende iets door heeft gehad. Ze dacht vast dat het aan mijn leeftijd lag dat ik me niet goed voelde. Ze had niet kunnen bedenken waar ik echt mee bezig ben. Niemand zou erachter komen wat erin dat flesje had gezeten met het Johnny Walker label erop. 

De wijn was naar mijn hoofd gestegen maar ook de angst in mijn hart zorgden ervoor dat de weg terug naar de tafel lang was. Dit was de laatste mogelijkheid om mijn plannen te veranderen, ik kon het biertje nog weggooien. Ineens verdwenen alle gedachten naar de achtergrond en het werd zwart en rustig, als een nacht zonder sterren. Ik gaf Robin zijn biertje en ging weer op mijn plek naast Marina zitten. Ik schonk mezelf een glas helder, koud water in. Het was beter om mijn gedachten er bij te houden. Het was nu alleen nog maar een kwestie van afwachten. 

Het duurde langer dan ik dacht voordat het middel begon te werken. Iedereen stond op om te dansen, zelfs Robin ging tegenstribbelend mee. Ik weigerde en gebruikte mijn leeftijd als excuus. Niemand drong aan. Ik keek naar de dansende menigte en dacht aan niets. Ik zweefde nog steeds boven alles, in een nacht zonder sterren. Er was alleen maar stilte.  

Het gebeurde voor mijn ogen. Hij strompelde naar mijn tafel, probeerde houvast te zoeken om te gaan zitten. In plaats van dat hij op het bankje terecht kwam viel hij achterover op de koude straatstenen. Eerst voelde ik niets. Ik bevond me nog steeds in een oneindig zwart heelal waar emoties niet bestonden. Daarna voelde ik triomf, het was gelukt. Een glimlach drong zich aan me op, want het kwam niet vaak voor dat dingen lukten in het leven. Maar de paniek was net zo onverwacht en hevig. Ik sprong op. ´Help! Mijn zoon voelt zich niet goed! Help! Bel een ambulance!´ Ik viel neer naast zijn lichaam en sloeg zachtjes op zijn linkerwang. ´Word wakker!! Word wakker!!´

Zijn gezicht was wit als melk en de lange wimpers van zijn ogen knipperden niet meer. Ik wiegde zijn hoofd in mijn schoot en begon te huilen. Ik wist niet waar de tranen vandaan kwamen maar ze bleven maar stromen en ik kon niet stoppen. 

´De ambulance komt er nu aan,´ zei Wende tegen me en legde een hand op mijn schouder.

Ik knikte en sloot mijn ogen. Laat het alsjeblieft goed komen bad ik bij mezelf. Maar ik wist niet wat dat betekende.