Dear diary...

&

Toerisme, wat is daar nou verkeerd aan?

Ik lees de laatste tijd steeds meer over hoe we eigenlijk niet meer met het vliegtuig mogen gaan want dat zou de grootste boosdoener zijn in de vervuiling van de wereld. Geloof ik gelijk! In een ander artikel las ik over ons massale verlangen om op reis te gaan over de ´onbegaande paden´. Op zoek naar dat ´alleen op de wereld´ gevoel en de ´onontdekte´ plekjes te vinden. Die wens om zo uniek te zijn maakt ons juist allemaal één pot nat. onze drang om te reizen heeft daarom naast vervuiling ook een paar andere schadelijke effecten. En ik moet toegeven dat ik me op een bepaalde manier ook schuldig heb gemaakt aan een paar ervan.

 

De vrijwilligersvakantie is bijvoorbeeld weer helemaal terug van weggeweest. In plaats van lekker te relaxen op de vakantiebestemming willen mensen graag meehelpen aan de ontwikkeling van een land en zijn ze bereid de handen uit de mouwen steken en daar aan mee te werken. Het probleem is alleen vaak dat men maar een paar weken of maanden blijft en weg gaan voordat het schooltje is afgebouwd, de waterput echt werkt of een klas met kinderen achterlaten die net een paar zinnen Engels hebben geleerd. Met andere woorden, onze wens om iets goed te doen heeft niet echt effect en gaat eigenlijk vooral om ons eigen verlangen iets goeds te doen en met een gerust hart terug naar huis te gaan. Ik heb zelf drie maanden in Zambia doorgebracht, één van de armste landen van Afrika. Ik ging expres via een organisatie die geen vrijwilligerswerk predikte maar een voorstander was van samen leven en samen leren. Als buitenlander kan ik veel leren van de Zambianen en andersom. Onbewust gebeurt dat dan ook terwijl je samenleeft en daar de tijd voor neemt. Ik heb dus in mijn drie maanden daar niet heel veel praktische dingen gedaan. We bezochten HIV/AIDS patienten, probeerden medicijnen langs te brengen en hebben een winkeltje opgezet waarvan de opbrengst naar een spaarrekening ging voor het schoolgeld van aids wezen. De drie maanden daar waren confronterend, soms heel saai en soms heel avontuurlijk en vooral heel leerzaam. Voor mij dan. Want ik besefte daar vooral dat mijn confrontatie met echte armoede mijn leven verrijkte maar dat hielp de Zambianen natuurlijk op geen enkele manier. Het was juist heel confronterend om te weten dat ik weer naar huis zou gaan met een hart vol geleerde levenslessen en de Zambianen die ik daar leerde kennen gingen verder in hun strijd om het dagelijkse leven te leven. Ik heb me nog nooit zo wit gevoeld.

 

Ook gaan we als we op vakantie zijn, hoe ver weg ook, vooral naar de mooie plekken in een land. Teruggekeerd thuis kan je dan iedereen vertellen hoe mooi het aan de andere kant van de wereld is en helemaal niet gevaarlijk of vervelend. Mijn familie heeft veel gereisd en we hebben met elkaar opgeteld waarschijnlijk wel de halve wereld gezien. Maar waarschijnlijk is in de gedachten van mijn familie Bolivia één van de moeilijkste landen van de wereld. Want dat is het land waar ik woon en waar ik hen tot in detail vertel over de frustraties die gepaard gaan met het wonen hier. Reizend door Azië en Afrika hebben zij de prachtigste natuur en de mooiste toeristische trekpleisters gezien. Ergens wonen daarentegen is natuurlijk een heel ander verhaal. Vaak nemen we aan dat de meerderheid van de wereld leeft zoals wij dat doen in Nederland maar de waarheid is precies het tegenovergestelde; de meerderheid leeft zoals wij in Bolivia, met al zijn bureaucratische, corrupte en politieke moeilijkheden. Toerisme helpt dus misschien wel niet om ons inzicht in de leefwijze van andere culturen te vergroten. Maar ja misschien is dat het doel ook wel helemaal niet.

 

En dan zijn er nog de goedkope pakketten van ticket plus hotel die we in Nederland kopen naar landen als (in mijn geval) Gambia. Ik zeg dan altijd tegen mezelf dat ik tenminste op die manier bijdraag aan de nationale economie als ik op vakantie ben in een arm land als Gambia. Maar eigenlijk is dat helemaal niet het geval. De hoteleigenaren zijn vaak buitenlanders en de nationale bevolking werkt op lage salarissen in de lage posities binnen het bedrijf. Lokale restaurants of toeristische trekpleisters die wel van Gambianen zijn kunnen de buitenlandse gasten moeizaam bereiken en worden gedwongen tot goedkope deals met die grote hotels om toeristen aan te trekken waar ze dan vervolgens maar weinig aan verdienen. Met mijn vakanties in Gambia hou ik dus juist de status quo van arme en rijke landen in stand.

 

Zoals met alle fenomenen in de wereld is de realiteit altijd ingewikkeld en is er geen antwoord op de genoemde moeilijkheden. En zelf moet ik toegeven dat het reizen en in andere landen verblijven mijn wereld heeft verrijkt en me als persoon heeft veranderd. Ik weet alleen niet of dat ook voor de ontvangende kant geldt! Hoe je dan wel verantwoord en eerlijk (voor het milieu en de  mensen) op reis kan? Geen idee, misschien schrijf ik daar in de toekomst nog eens over als ik daar een antwoord op heb!

Veel liefs, Adinde